Javascript staat uit. Voor een optimale werking moet Javascript worden ingeschakeld.

Juliette van Nes
Datum: 16-12-2019    Logboek van een schrijver
 

Een snipper uit mijn historische roman: Een baan in Amersfoort

Trijn grijpt Meeks pols. Meek maakt ongecontroleerde bewegingen met haar vrije arm. Trijn trekt aan Meeks haar, haar hoofd gaat naar achteren naar de grond. Meeks benen schoppen, haar armen gaan omhoog naar haar hoofd, haar grip op het mes verslapt, het valt kletterend op de grond. De kinderen schreeuwen. Meek rukt zich los. Als in een nevel ziet ze de kleintjes in een kluitje tegen de muur achter in het kamertje staan. Ze grist haar omslagdoek van tafel en wankelt naar buiten het steegje in. De takken van de struiken die over de schutting hangen slaan in haar gezicht. Ze struikelt over de benen van de bedelares aan het einde van het poortje, trapt op de bedelnap. De oude vrouw schreeuwt verwensingen.

 

Had ze maar een geweer dan zou ze Trijn doodschieten, dan was ze van haar af. Kon ze in het huis blijven, voor pa zorgen, Kaatje groot zien worden. Nee, Meek, zegt een stemmetje, je moet hier niet blijven. Je moet weg. Dat huis is geen huis voor jou. Zie het als een paar planken met een dak. In Amersfoort krijgt je goed geld voor het werk dat je daar gaat doen, daarvan kan je geld voor Kaatje opzij leggen en sparen voor je droom als naaister.

Wat zou het fijn zijn wanneer ze thuis kon werken, de huur kon betalen en voor Kaatje zorgen. Misschien haar zelfs naar school sturen? Meek vertraagt haar pas. Op het pleintje gaat ze zitten op de rand van de waterput. Haar hoofd bonkt. Ze laat de omslagdoek zakken veegt haar haar bij elkaar. Slaat de doek weer over haar hoofd en houdt hem strak vast onder haar kin. Misschien dat ze dat moet doen, naar Amersfoort om te werken.

 


----------
 
     << Terug >>