Javascript staat uit. Voor een optimale werking moet Javascript worden ingeschakeld.

Juliette van Nes
Datum: 10-12-2020    BARBARIJSCHE ROOFSTATEN OP AFRIKAS NOORDKUST
 

UIT HET DAGBOEK VAN JACOB BICKER RAYE 1752

Met de Barbarijsche roofstaten op Afrika's noordkust viel in die dagen niet te spotten. De brutaliteit van die roovers was groot. Ditmaal was zelfs de bemanning van een oorlogsschip het slachtoffer geworden.. Het fregat “'t Huis ten Bosch”, kapitein Steenis, was op den 20sten Januari in een storm op de kust tusschen Ceuta en kaap Porkas, gebleven en vijf man waren verdronken; 132 man van de equipage hadden zich aan den wal weten te salveeren (in veiligheid gebracht. red), waar nog 9 van de opvarenden van een koopvaarder die in denzelfden storm gebleven was zich bij hen voegden. Zij hadden er het leven afgebracht, maar de toestand waarin de schipbreukelingen op die ongastvrije kust verkeerden, was ellendig. Al spoedig werden zij door de Mooren omsingeld en gevangen genomen. Aan tegenstand viel natuurlijk niet te denken. De gevangenen werden naakt uitgekleed en als honden met stokslagen voortgedreven en zoo naar een kasteel gebracht waar zij opgesloten waren zelfs doodgeslagen.

Den volgenden dag arriveerde de gouverneur van Tetuan, genaamd Sieti Mohamet Cucas met een groot 'detasiment' cavalery en infantery. Hij liet den Hollandschen commandant bij zich komen en hield hem nog voor de gek ook, beklaagde hem 'kwanswijze' en gaf orders dat allen naar Tetuan zouden getransporteerd worden. De gouverneur was wel zo goed paarden voor de Hollandsche marine-officieren beschikbaar te stellen. Niettemin was het een ellendige tocht van twee dagen en toen de mannen geheel uitgeput in den avond voor de hoofdstad arriveerden moesten zij dien nacht in de open lucht doorbrengen. Den volgenden dag werden allen in triomf naar de gevangenis gebracht, een duister en diep gat in den grond, waar men met een ladder in moest afdalen. Toen allen, ook de officieren, opgeborgen waren, moest ook de commandant zelf van zijn paard stijgen en in het onderaardsche gewelf afdalen nadat men hem eerst nog braaf beschimpt had.
Brood en water was alles wat die ongelukkigen kregen.

Gelukkig kreeg de kapitein door tusschenkomst van den Engelschen consul die reeds eenige uren later de gevangenen bezocht had, permissie van de gouverneur om met de zestien overige officieren naar een andere gevangenis overgebracht te worden waar ze, ofschoon streng bewaakt, een beetje beter behandeld werden.

De onderofficieren en minderen echter moesten overdag steenen en aarde sjouwen en waren twee aan twee aan elkander gekluisterd. Wel hielpen de Engelsche consul en andere Christenen hen zooveel mogelijk maar de toestand bleef miserabel.

De droevige tijding van deze gebeurtenis was op ll Februari in Holland gekomen. Welke maatregelen er tegen de roovers genomen zijn wordt niet vermeld. Waarschijnlijk zijn onze mannen tegen een flink losgeld vrij gekomen

 

 


----------
 
 
 
10-12-2020, reactie van Eltien Wijngaard, Zuidlaren
Hoe gruwelijk ook.... Heerlijk of te lezen! Bedankt daarvoor Verder alvast fijne feestdagen en natuurlijk ondanks alle beperkingen een gezonde overgang naar 2021!
 
 
15-02-2021, reactie van Jan Bunschoten
Dit verhaal is bijzonder voor mij omdat mijn stamvader op dit schip dienst deed als matroos. Uiteindelijk is hij levend teruggekomen en daarna nog 11 jaar heeft gediend als matroos op diverse oorlogsschepen. Hij wordt genoemd as Gerrit Jansz van Bunschooten
 
 
12-10-2021, reactie van Jan Bunschoten
Sorry Juliette, dat ik zo laat reageer :(,(even wat andere hobby s. Mijn voorvader heeft een behoorlijk spoor achtergelaten. Als je geïnteresserd bent wil ik dit verslag wel aan je mailen. Mijn mailadres is janbunschoten@online.nl
 ----------
     << Terug >>